Gezondheid

Vragenlijst StressWeerBaarHeid

Met deze vragenlijst wordt met 64 items de mate van stressweerbaarheid van iemand bepaald. Uitgegaan wordt van twee dimensies van stressweerbaarheid, te weten een energetische dimensie met inspanning (effort) en relaxatie als extremen, en een stemmingsdimensie met distress vs euphoria (Henry & Meehan, 1981). Uitkomstwaarden op deze twee dimensies worden uitgezet op een zg. windroosmodel(zie figuur), waarvan de kwadranten (windrichtingen) de toestand van de persoon op een gegeven moment kan weergeven. De vier mogelijke toestanden (van zuidwest met de klok mee naar zuidoost) zijn: 1. gezonde toestand, gekenmerkt door euphoria en relaxation, en het ontbreken van stressvolle omstandigheden; 2. een “alarmfase”, met verhoogde inspanning waarmee de “stressor” met succes aangepakt wordt, en waar geen sprake is van negatieve emoties; 3. een weerstandsfase, waar de stressor(s) met herhaalde maar uitputtende inspanning met weinig succes te lijf gegaan wordt, wat ten koste gaat van de stemming; 4. een uitputtingsfase, waar de persoon de strijd met de stress aan het verliezen is, en somberheid en passiviteit de boventoon gaan voeren. Hulp is mogelijk nodig. Overgang van het ene naar het andere kwadrant in de tijd is mogelijk, met uitzondering van overgang tussen zuidwest naar zuidoost of omgekeerd. Er zijn 2 normtabellen, van mannelijke en vrouwelijke psychologiestudenten.

 GezondheidsVragenLijst
Vragenlijst met 53 vragen die te maken hebben met de gezondheid van de participant. De vragenlijst bestaat uit 4 onderdelen:
1. Eerst komen enkele algemene vragen.
2. Dan komt een aantal vragen die vrij specifiek een oordeel vragen over bepaalde fysieke maar ook mentale klachten van de participant in de afgelopen maand, zoals hoofdpijn en problemen met ademhaling. Hierbij wordt zowel naar de mate als de duur van de klachten gevraagd.
3. Vervolgens gaat het om vragen naar bepaald gedrag dat in verband kan staan met de gezondheid, zoals gebruik van koffie en alcohol, en mate van beweging.
4. Tenslotte zijn er nog enkele vragen naar de omgang met stress.
Scores op het onderdeel Klachten kunnen vergeleken worden met normen afkomstig van een groep psychologiestudenten.

Cognitive Failure Questionnaire
Meet aan de hand van 29 vragen de subjectieve evaluatie van eigen cognitieve vermogens: het gaat erom in hoeverre men de afgelopen tijd last heeft ondervonden van dagelijkse vergissingen (b.v. dingen vergeten, bij vergissing verkeerde handelingen verrichten, e.d.). Items hebben globaal betrekking op geheugen en aandacht. Subschalen zijn onder meer: Verstrooidheid, Verstrooidheid in sociale situaties, Namen en woorden, en Oriëntatie. De lijst is oorspronkelijk ontwikkeld door D.E.Broadbent (1982). Er zijn onder andere gepubliceerde normen uit de algemene bevolking (n=1358), die verder opgedeeld zijn in 4 leeftijdsgroepen.

Health Locus of Control
Auteurs: K.A. Walston en B.S. Walston (1978). Bestaat uit 18 uitspraken met 5 mogelijke antwoorden die aangeven in hoeverre men het eens is met een uitspraak. De vragenlijst levert scores op m.b.t. 1 interne en 2 externe schalen voor locus of control op het gebied van eigen gezondheid (internal, external, en arts locus of control).

Meervoudige Vermoeidheids Index
Deze lijst brengt de psychische en lichamelijke vermoeidheid in kaart. Auteurs: E.M.A.Smets, B.Garssen en B.Bonke (1995). Bestaat uit 20 uitspraken die beantwoord moeten worden op een 5-punts schaal lopend van <Ja dat klopt> tot <Nee dat klopt niet>. Scores worden verdeeld over 5 schalen: Algemene Vermoeidheid, Lichamelijke Vermoeidheid, Reductie in Activiteit, Reductie in Motivatie, en Mentale Vermoeidheid. Er is een normtabel gebaseerd op werk met studenten.

Pijn Cognitie Lijst
Vragenlijst ontwikkeld door J.Vlaeyen en collega’s. Meet met 77 vragen de mate waarin cognitieve componenten een rol spelen bij chronische pijn. Afname resulteert in scores op vijf subschalen: negatieve zelf-effectiviteit, catastroferen, positieve verwachting, berusting, en vertrouwen op de gezondheidszorg. De scores kunnen worden afgezet tegen die van een groep van 188 rugpijnpatiënten.

Schizotypal Personality Questionnaire
Vragenlijst van A.Raine (1991) die het persoonskenmerk schizotypie pretendeert te meten. Schizotypie komt tot uiting in scores op 9 subschalen, die clusteren tot 3 samengestelde factoren: Cognitief-Perceptueel (betrekkingsideeën, magisch denken, ongewone percepties en achterdocht), Interpersoonlijk (sociale angst, geen intieme vrienden, beperkt affect en ook achterdocht), en Desorganisatie (vreemd/excentriek gedrag, en vreemde spraak). De vragenlijst kent 2 versies: de volledige versie (SPQ) met 74 items, en de verkorte versie (SPQ-B) met 22 items waarin alleen de 3 samengestelde factoren gescoord kunnen worden. De vragen moeten alle met Ja of Nee beantwoord worden. Voorlopige normen op de SPQ betreffen een Amerikaanse steekproef (leeftijd 18-45 jaar), bij de SPQ-B zijn normen gebaseerd op gegevens van zowel Amerikaanse als Nederlandse studenten.