PTS: Pavlov Temperament Survey

0.00

Temperament Vragenlijst met 3 subschalen: sterkte van excitatie (SE), sterkte van inhibitie (SI), en mobiliteit van zenuwprocessen (MO).

Auteurs van deze lijst zijn G.L.van Heck, B.de Raad & A.J.J.M.Vingerhoets (1993). Met 58 vragen worden 3 aspecten van temperament gemeten, uitgaande van idee├źn van I.P.Pavlov. Deze aspecten, die geassocieerd zijn met bepaalde eigenschappen van het centrale zenuwstelsel, zijn: sterkte van excitatie (SE), sterkte van inhibitie (SI), en mobiliteit van zenuwprocessen (MO).

Er zijn 2 normtabellen: 1. Normgroep Tilburg (N=338, 55 mannen, 283 vrouwen), gebaseerd op de paper & pencil versie; 2. Studenten en medewerkers UU (n=89, mannen), afgenomen met de pc-versie van Minds.

Kenmerken van de drie schalen:

Hoogscoorders op SE volharden in eenmaal voorgenomen activiteiten, zelfs in bedreigende situaties, in zeer intense omstandigheden zijn zij eerder ondernemend dan passief, houden van riskante activiteiten, blijven emotioneel stabiel onder zware sociale of fysieke druk, en blijven onder druk veelal even effectief in hun activiteiten.

Hoogscoorders op SI zijn vaak sociaal-wenselijk en conformerend, hebben geen moeite met het tijdelijk opschorten van een lopende taak, kunnen makkelijk hun reacties uitstellen als dit gewenst is, en zijn ook in staat om hun emoties te onderdrukken als dit vereist wordt.

Hoogscoorders op MO reageren adequaat op onverwachte situatie-veranderingen, passen zich gemakkelijk aan aan nieuwe omgevingen, gaan gemakkelijk van de ene activiteit over in een andere. Zij wisselen gemakkelijk van stemming, en hebben geen problemen met het gelijktijdig verrichten van verschillende activiteiten.

Literatuur:

van Heck, G.L., de Raad, B., & Vingerhoets, A.J.J.M. (1993). De Pavlov Temperament Schaal (PTS): Theoretische achtergrond en schaal-constructie. (WORC Paper / Work and Organization Research Centre (WORC); Vol. 93.05.009/5)